3. Risico's in kaart en preventie regelen

Het is heel belangrijk om te weten waar kinderen, jongeren of mensen met een verstandelijke beperking risico's lopen in jouw organisatie. Zijn ze soms alleen met een vrijwilliger? En waar is dat dan? Wanneer kan dat gebeuren? De workshop 'Risicofactoren' helpt je om te ontdekken welke risico's er zijn. Als je dat weet, kun je aan de slag met preventie. Dus hoe je voorkomt dat er risicovolle situaties ontstaan.

In elke vrijwilligersorganisatie zijn de risico's anders. Vergelijk bijvoorbeeld een zwemvereniging maar eens met een organisatie voor huiswerkbegeleiding. Als je weet wat de risico's in jouw organisatie zijn, kun je daar het nodige aan doen. Maar hoe krijg je die snel en goed in beeld. Daarvoor is een speciale workshop Risicofactoren ontwikkeld. Als je die workshop met een aantal mensen van je organisatie doet, krijg je snel een goed beeld van wie risico loopt, waar dat gebeurt en op welke momenten. Je kunt ook de werkvorm risicofactoren gebruiken. Kies zelf welke vorm het beste bij jouw organisatie past.

Elke organisatie heeft omgangsregels. Afspraken over op tijd zijn of roken bijvoorbeeld. Omgangsregels zijn afspraken. Huisregels zeg maar. En die gelden voor iedereen. Zulke regels helpen ook om seksueel misbruik te voorkomen. Je legt daarin vast hoe je met elkaar omgaat en welk gedrag echt niet kan. Bepaal wat wel en niet mag als het bijvoorbeeld gaat over aanraken, tillen, in en uit het zwembad helpen, dat soort dingen. En hoe ga je om met seksueel gedrag en uitingen. Door over omgangregels te praten, heb je automatisch ook over veiligheid in je organisatie. Op een positieve manier. Iedereen weet dan wat de normen zijn, dus weet iedereen ook wat ongewenst gedrag is. Door erover te praten komen ouders, kinderen en medewerkers eerder met vragen en problemen. Wij hebben voorbeeldomgangsregels gemaakt. Je kunt ze als basis gebruiken en ze aanvullen of veranderen. Of je maakt eigen omgangsregels. Daarvoor kun je de workshop Omgangsregels gebruiken. Betrek vrijwilligers, medewerkers, ouders en jongeren erbij. Bespreek de omgangsregels bijvoorbeeld tijdens een aparte bijeenkomst of een algemene ledenvergadering.

De omgangsregels maak je voor de hele organisatie. Dus vrijwilligers, medewerkers, deelnemers, bestuur, echt iedereen. Het belangrijkste doel ervan: respect voor elkaar. Gedragsregels (ook wel gedragscode genoemd) maak je voor begeleiders, dus voor vrijwilligers die een verantwoordelijkheid hebben voor deelnemers zoals kinderen of mensen met een verstandelijke beperking. Bij de gedragsregels gaat het om de zorg, verantwoordelijkheid en bescherming van degenen met wie je 'werkt' als vrijwilliger en begeleider. Een gedragscode is een document met richtlijnen voor hoe (vrijwillige) medewerkers en kinderen, jongeren of mensen met een verstandelijke beperking met elkaar omgaan. In de gedragscode staat duidelijk waar de grenzen liggen in het contact. Het is een officieel document dat vrijwilligers en medewerkers ondertekenen. Daardoor kun je het ondertekende document gebruiken als er sprake is van seksueel misbruik en je wilt maatregelen (laten) nemen. We hebben een modelgedragscode gemaakt die je als uitgangspunt kunt gebruiken. Om mee te doen aan het tuchtrecht vrijwilligerswerk en de registratielijst moet deze modelgedragscode (met eventueel kleine wijzigingen) gebruiken.

Social media. Ze zijn een vast onderdeel van ons dagelijks leven geworden. Sterker, ze oefenen er steeds meer invloed op uit. Kinderen krijgen op steeds jongere leeftijd een smartphone. Daardoor gaan ze deel uitmaken van de wereld van de social media. Maar veel kinderen en jongeren zijn zich (nog) niet bewust van de gevolgen van het delen van foto’s, filmpjes en berichten. Voor volwassenen is het  eenvoudig om via social media een band op te bouwen met kinderen. Soms kan bijvoorbeeld een whatsapp-groep heel praktisch zijn. Maar het is niet altijd even makkelijk om een goed onderscheid te maken tussen wat wel en niet gepast is. Daarom hebben we een aantal stellingen over gebruik van social media op een rij gezet. Die helpen om je een goed beeld te krijgen wat wel en niet gepast is op social media. 

Als je meer wilt weten over social media en ongewenst gedrag: schoolenveiligheid.nl/thema/seksueel-gedrag/

Tips:

-  Waarom wil de organisatie social media inzetten en wat is hiervoor nodig?

-  Wijs iemand aan die de social media onderhoudt, maak afspraken over 

-  Bespreek de grenzen van social media: Wat kan wel en wat kan niet?

-  Maak afspraken over het maken en gebruiken van foto's en film.

-  Heb je toestemming nodig van ouders/deelnemers voor het gebruik? 

-  Maak afspraken social media-gebruik tussen vrijwilligers en deelnemers.

-   Ga je het met deelnemers over social media hebben?

-   Sociale media zijn er altijd en overal en je vrijwilligersorganisatie is vast niet altijd open.